Nieuwe mogelijkheden in MuseScore 3

1 week geleden bijgewerkt

MuseScore 3 bevat een aantal nieuwe en verbeterde functies. Zie de release notes for MuseScore 3 voor een korte samenvatting. Meer details zijn te vinden in de onderstaande overzichten en door te verwijzen naar de relevante pagina's van het handboek.

Automatisch plaatsen

MuseScore plaatst aanvankelijk elementen in de partituur op basis van (a) de eigenschappen die zijn opgegeven in de standaardinstellingen van de stijl en (b) eventuele handmatige aanpassingen. Voor elementen waarvoor automatische plaatsing is ingeschakeld, zal MuseScore echter proberen botsingen te voorkomen door één of meer van deze elementen naar behoefte te verplaatsen.

Zie automatisch plaatsen.

Standaard positie

De standaardpositie voor de meeste elementen wordt bepaald door de instellingen in Opmaak → Stijl. Je kunt de standaardinstelling daar wijzigen of in het instellingenoverzicht een handmatige aanpassing toepassen (zie hieronder) en vervolgens het besturingselement "Stel in als stijl" gebruiken (rechts van de waarde die je wilt instellen).

De specifieke eigenschappen die je kunt instellen verschillen per element maar omvatten:

  • plaatsing (of het element standaard boven of onder de notenbalk wordt geplaatst)
  • positie boven/onder (specifieke posities wanneer boven of onder geplaatst)
  • afstand
  • automatisch plaatsen minimum afstand (minimum afstand t.o.v. andere elementen wanneer automatisch plaatsen is ingeschakeld)

Zie automatisch plaatsen.

Handmatig aanpassen

Veel elementen kunnen boven of onder de notenbalk worden geplaatst. Als je een element van boven naar beneden of visa versa, gebruikt je de instelling "Plaatsing" in het instellingenoverzicht of druk je op de sneltoets "X".

Handmatige aanpassingen aan de positie kunnen worden uitgevoerd door te slepen of door de afstand in het instellingenoverzicht te wijzigen. Met geen van beide methoden kun je een element echter zodanig positioneren dat een botsing ontstaat. Om volledige controle over de positie van een element te krijgen, kun je automatische plaatsing voor dat element uitschakelen.

Zie automatisch plaatsen.

Automatisch plaatsen uitschakelen

Als je automatische plaatsing voor een element wilt uitschakelen, schakel je het vakje "Automatisch plaatsen" uit in het instellingenoverzicht. Het element keert terug naar zijn standaardpositie en wordt niet langer in overweging genomen bij het automatisch plaatsen van andere elementen.

Zie automatisch plaatsen.

Stapelvolgorde

De "Stapelvolgorde" instelling in het instellingenoverzicht bepaalt welke elementen elkaar overlappen en in het geval dat ze elkaar overlappen en niet worden verplaatst vanwege automatisch plaatsen.

Zie automatisch plaatsen.

Tekstopmaak

De opmaak van de tekst is afhankelijk van drie factoren:

  • De tekststijl die aan het element is gekoppeld stelt de standaardwaarden in voor de eigenschappen zoals het lettertype, de uitlijning en het kader.
  • Wijzigingen in deze teksteigenschappen kunnen via de instellingenoverzicht op geselecteerde elementen worden toegepast.
  • Aangepaste opmaak kan worden toegepast op specifieke tekens in de tekst met behulp van de tekstwerkbalk.

Zie tekst algemeen, tekst stijlen en eigenschappen.

Tekststijlen

Aan elk tekstelement is een tekststijl gekoppeld. De standaardstijl voor een element wordt bepaald door het type van het element zelf - standaard staat de notenbalktekst op de tekststijl notenbalk, de dynamiek op de tekststijl dynamiek, etc. Deze tekststijl bepaalt het standaardlettertype, de grootte en de stijl (vet/cursief/onderstrepen), uitlijning en kader-eigenschappen.

Je kunt de standaardwaarden voor elk van deze tekststijlen wijzigen met Opmaak → Stijl → Tekststijlen. Je kunt bijvoorbeeld repetitietekens groter maken of de tekst cursief maken. Dit heeft invloed op alle bestaande elementen die die stijl gebruiken en op elementen die je later toevoegt. Sommige elementen bevatten ook een beperkte set besturingselementen voor tekststijlen in hun eigen secties van het dialoogvenster Opmaak → Stijl. De instellingen zijn gekoppeld: je kunt de lettergrootte voor maatnummers wijzigen in Opmaak → Stijl → Maatnummers of in Opmaak → Stijl → Tekststijlen: Maatnummer. Het effect is hetzelfde: alle maatnummers in de partituur nemen deze grootte over. Je kunt ook de standaardwaarden voor een tekststijl wijzigen in het instellingenoverzicht; zie Teksteigenschappen hieronder.

Voor de meeste tekstelementen die je rechtstreeks maakt (zoals notenbalktekst, repetitietekens en liedteksten), kun je een andere tekststijl toepassen met het besturingselement stijl in het instellingenoverzicht. Hierdoor worden ze weergegeven met die stijl in plaats van de "eigen" stijl voor het element. Je kunt bijvoorbeeld één of meer notenbalktekstelementen selecteren en ze de Tempo-stijl geven om ze weer te geven alsof het tempomarkeringen zijn.

Zie tekst algemeen, tekst stijlen en eigenschappen.

Teksteigenschappen

De tekststijl bepaalt de standaardeigenschappen voor elementen met behulp van die stijl, maar je kunt elk van deze eigenschappen voor geselecteerde elementen overschrijven met behulp van het instellingenoverzicht. Je kunt bijvoorbeeld een aantal notenbalktekstelementen selecteren met Ctrl+klik en vervolgens het instellingenoverzicht gebruiken om ze groter te maken. De knop 'Herstel naar stijl standaard' naast elke eigenschap zet het terug naar de standaardwaarde. Je kunt ook op de knop 'Stel in als stijl' klikken om de stijl aan te passen. Dus een andere manier om de grootte van alle maatnummers te wijzigen, is door er één te selecteren, de grootte ervan te wijzigen in het instellingenoverzicht en vervolgens op 'Stel in als stijl' te klikken.

Zie tekst algemeen, tekst stijlen en eigenschappen.

Aangepast opmaak

Aangepaste opmaak wordt op tekst toegepast met behulp van de werkbalk onderaan het hoofdvenster op dezelfde manier als in eerdere releases. Je kunt dus één woord in een zin vet maken, terwijl de rest normaal is of een bepaald teken groter/kleiner maken, enz. Je kunt ook alle aangepaste opmaak van geselecteerde tekstelementen verwijderen met de knop "Verwijder eigen opmaak" in het instellingenoverzicht. Hiermee keert de tekst terug naar de instellingen die momenteel in het instellingenoverzicht worden weergegeven.

Zie tekstbewerken.

Notenbalktype wijzigen

Je kunt verschillende notenbalk eigenschappen in de partituur wijzigen, waaronder de grootte van de notenbalk, het schema van de nootkoppen (bijvoorbeeld voor nootkoppen met de nootnaam), het genereren van maatsoorten en andere eigenschappen. Het element voor het wijzigen van het notenbalktype bevindt zich in het tekstpalet. Voeg het toe aan de maat waar je de wijziging wilt laten plaatsvinden en gebruik vervolgens het instellingenoverzicht om de eigenschappen van het element van het notenbalktype te wijzigen.

Zie notenbalktype wijzigen

Tijdelijke en gedeeltelijke notenbalken

Om een ​​tijdelijke notenbalk te maken die alleen op bepaalde systemen verschijnt voeg je de notenbalk eerst normaal toe (Bewerken / Instrumenten), voeg vervolgens de noten toe en klik vervolgens met de rechtermuisknop op de notenbalk, selecteer notenbalk/partij-eigenschappen en stel "Verbergen indien leeg" in op "Altijd". Dit zorgt ervoor dat de notenbalk alleen zichtbaar is waar nodig, zelfs zonder dat de "Lege notenbalk in systeem verbergen" voor de hele partituur (in Opmaak / Stijl) is ingeschakeld. De standaardwaarde voor "Verbergen indien leeg" is "Automatisch", wat betekent dat notenbalk verborgen zijn als leeg als "Lege notenbalken in systeem verbergen" is ingeschakeld. Andere waarden zijn "Nooit" (de notenbalk zal niet worden verborgen als het leeg is, zelfs als de "Lege notenbalken in systemen verbergen" is ingeschakeld) en "Instrument" (voor instrumenten die meerdere notenbalk bevatten, wordt de notenbalk alleen verborgen als alle notenbalken voor dat instrument leeg zijn) .

Om een ​gedeeltelijke notenbalk te maken waarin alleen de maten met noten zichtbaar zijn (bijvoorbeeld voor een ossia), klikt je met de rechtermuisknop op de notenbalk en kies je notenbalk/parijt-eigenschappen en schakelt je de optie "Haal lege maten weg" in. Dit kan onafhankelijk van "Verbergen indien leeg" of "Lege notenbalken in systeem verbergen" worden gebruikt.

Systeemscheidingstekens

Systeemscheidingstekens zijn een reeks korte diagonale lijnen die worden gebruikt om systemen op een pagina visueel te scheiden. MuseScore kan deze automatisch toevoegen aan je score. In Opmaak → Stijl → Systeem kun je de scheidingstekens links, rechts of beide inschakelen en je kunt ook hun standaardpositie instellen. Je kunt ook de positie van afzonderlijke scheidingstekens in je partituur handmatig aanpassen of ze onzichtbaar markeren (dit laatste wordt momenteel niet opgeslagen).

Notenbalk ruimte

Als onderdeel van de automatische plaatsen functie in MuseScore, worden notenbalken nu automatisch uit elkaar geplaatst, je kunt nu dus eenvoudig een comfortabele minimale afstand instellen en MuseScore laten bepalen wanneer er meer ruimte nodig is. Je kunt notenbalk afstandhouders gebruiken, net zoals in MuseScore 2, om de afstand tussen notenbalken te vergroten, maar in MuseScore 3 is er ook een manier om deze te verkleinen - dit gaat met de "vaste" notenbalkafstandshouder, te vinden op het palet Afbrekingen & afstandshouders. Voeg gewoon de afstandshouder toe en pas de hoogte aan. Dit voorkomt ook dat MuseScore automatisch meer ruimte toevoegt om botsingen te voorkomen, zodat je dit zelf kunt beheren.

Zie afstandshouders.

Niet afbreken

Momenteel niet beschikbaar

Naast de systeemomslag, pagina- en sectie-einden die bekend zijn van MuseScore 2, bevat het palet "Afbrekingen & afstandshouders" nu een nieuw element "Niet afbreken". Hiermee kun je forceren dat twee maten bij elkaar blijven, bijvoorbeeld als er een complexe passage is die de maten overspant en je wilt ervoor zorgen dat ze aan elkaar grenzen. Als beide maten niet op een systeem/pagina passen, verplaatst MuseScore ze allebei naar het volgende systeem.

Partijen van stemmen

Naast de mogelijkheid om partijen van de verschillende instrumenten in de partituur te genereren, kun je nu ook een partij koppelen aan een specifieke notenbalk voor het instrument of zelfs een specifieke stem binnen een specifieke notenbalk. Hiermee kun je meerdere partijen (bijvoorbeeld fluit 1 & 2) combineren op een enkele notenbalk in de partituur terwijl u toch afzonderlijke partijen genereert.

Het partijen venster bevat nu twee secties onderaan, instrumenten in de partituur en Instrumenten in partij. Nadat je een partij (of alle partijen) hebt gegenereerd met de knoppen Nieuw en Genereer, kun je elke partij bovenaan selecteren en de knoppen onderaan gebruiken om niet alleen het instrument in de partij in te stellen, maar ook welke notenbalken en stemmen binnen het instrument zijn inbegrepen.

Om een ​​instrument aan een partij toe te voegen, selecteer je het in "instrumenten in partituur" en druk je op "+". Om een ​​instrument uit een partij te verwijderen, selecteer je het in "instruments in partij" en druk je op "-". Om de partij op notenbalk of stemniveau aan te passen, klik je op de pijl naast het instrument in "instrumenten in partij" om de lijst uit te vouwen en alle notenbalken en stemmen van het instrument weer te geven. Je kunt een notenbalk verwijderen door deze te selecteren en op "-" te drukken of een stem verwijderen door deze uit te schakelen.

Beperkingen: Als je alleen stem 1 voor een bepaalde notenbalk selecteert, dan wordt alleen de inhoud in stem 1 voor die notenbalk opgenomen in de partij. Dus om fluit 1 & 2 met dezelfde notenbalk te kunnen delen, moet je alle noten in beide stemmen invoeren, zelfs in passages waar ze hetzelfde spelen. Je kunt de twee delen ook niet als akkoorden invoeren in de passages waar ze ritmes delen.

Verdeel en samenvoegen

De verdeel functie is uitgebreid met de mogelijkheid om op stem te verdelen naast het verdelen op noot niveau. Zie verdeel.

De voeg samen functie (Gereedschappen / Voeg samen) werkt in één van de volgende twee modi.

Met één enkele notenbalk geselecteerd, voegt het voeg samen commando noten in verschillende stemmen waar mogelijk samen in akkoorden (wanneer noten op dezelfde tel zijn en dezelfde duur hebben). Dit is hetzelfde als recente versies van MuseScore, hoewel enkele bugs zijn opgelost.

Met meerdere notenbalken geselecteerd, combineert de voeg samen opdracht de inhoud van de eerste vier niet-lege stemmen (op alle notenbalken) in meerdere stemmen op de bovenste geselecteerde notenbalk. Dit is anders dan MuseScore 2, waarbij noten worden gecombineerd in akkoorden in plaats van meerdere stemmen te gebruiken en dus moesten de ritmes overeenkomen. De MuseScore 3 benadering behoudt de originele ritmes, zelfs waar ze verschillen en is bedoeld om de verwachte resultaten te produceren bij het combineren van twee verschillende partijen op één notenbalk voor gebruik met de functie voor partijen van stemmen of bij het verminderen van een open (vier notenbalken) SATB-partituur in een gesloten (twee notenbalken) versie. Om de stemmen waar mogelijk verder in akkoorden samen te voegen, voer je de opdracht gewoon nog een keer uit.

Zie gereedschappen.

Invoeg mode

Je kunt noten invoegen en verwijderen en de maten automatisch laten uitbreiden of inkrimpen om de wijziging aan te passen. Dit kan handig zijn bij het maken van muziek die niet in maten verdeeld is of bij gewone bewerking.

Als je een noot wilt invoegen vóór de momenteel geselecteerde noot, druk je op Ctrl+Shift terwijl je de noot normaal toevoegt. In de invoermodus voor noten wordt met Ctrl+Shift+klikken een noot van de momenteel geselecteerde duur op die locatie ingevoegd. Ctrl+Shift+B voegt een B van de momenteel geselecteerde duur in vóór de noot op de huidige cursorpositie. Je kunt ook overschakelen naar de invoegmodus met behulp van het keuzemenu naast de knop voor het invoeren van noten op de werkbalk. In deze modus werken alle noten die je toevoegt alsof je op Ctrl+Shift drukt - ze worden ingevoegd in plaats van de bestaande noten of rusten op die locatie te vervangen.

Als je noten wilt verwijderen, moet je eerst de normale modus (dus niet in de noteninvoermodus) activeren. Selecteer een enkele noot of een bereik en druk op Ctrl+Del.

Zie noteninvoermodi, verwijder geselecteerd bereik (gereedschappen)

Maten splitsen en samenvoegen

Om een maat voor een noot te splitsen, voeg je op dat punt eenvoudigweg een maatstreep toe uit het palet in terwijl je Ctrl ingedrukt houdt. Je kunt bijvoorbeeld de noot selecteren en vervolgens Ctrl+dubbelklik op de maatstreep in het palet of gebruik Ctrl+sleep. Dit kan ook via het menu, Gereedschappen → Maat → Splits de maat voor de geselecteerde noot/rust.

Om twee maten samen te voegen selecteer je de maatstreep tussen die twee maten en gebruik je Ctrl+Del of via het menu, Gereedschappen → Maat → Voeg geselecteerde maten samen.

Zie maatbewerkingen.

Tijdslijn

De tijdslijn geeft een grafisch overzicht van de partituur. Gebruik Weergave →Tijdslijn (F12) om hem weer te geven. Het bovenste gedeelte van de tijdslijn toont de posititie van wijzigingen in tempo, toonsoort en maatsoort, evenals repetitietekens, herhalingen en dubbele maatstrepen. Het onderste gedeelte toont de notenbalken van in de partituur, met daarin de niet-lege maten gemarkeerd. Je kunt overal in deze weergave klikken om naar de overeenkomstige plek in de partituur te springen.

Zie tijdslijn

Partituur vergelijkingsgereedschap

Met het partituur vergelijkingsgereedschap (Weergave / Partituur vergelijkingsgereedschap) kun je twee versies van een partituur vergelijken om de verschillen ertussen te vinden. Selecteer de twee partituren die je wilt vergelijken en of je de huidige versie of de laatst opgeslagen versie wilt vergelijken (let op: je kunt de huidige versie van een partituur vergelijken met de laatst opgeslagen versie van dezelfde partituur om te zien wat je hebt gewijzigd sinds de laatste keer opslaan) en klik vervolgens je op de knop Vergelijken. Rechts wordt een lijst met verschillen weergegeven. De partituurweergave verandert automatisch in Documenten naast elkaar, waarbij de twee partituren die je hebt geselecteerd worden weergegeven. Dubbelklik op een verschil in de lijst en beide partituurweergaven zullen automatisch aanpassen om het gewijzigde element te tonen, dat ook zal worden gemarkeerd.

Normaal gebruik je de standaard Intelligente vergelijking, die de verschillen in voor mensen leesbaar/begrijpbaar formaat weergeeft (bijv. "Maat 1: Noot: eigenschap toonhoogte gewijzigd van B4 naar C5"). Er is ook een onbewertke-modus om de resultaten weer te geven middels de werkelijke XML-code.

Zie partituur vergelijkingsgereedschap.

Mixer

Zie mixer.

Piano Roll Editor

Zie pianorol bewerker.

Capo wijzigingen

Capo wijzigingen zijn nu een eigenschap van notenbalktekst en kan worden gebruikt om de toonhoogte van alle noten die daarop volgen te wijzigen tot de volgende capo wijziging.

Zie capo afspelen.

Fretborddiagrammen

Nieuwe gebruikersinterface.
Zie fretborddiagrammen.

Do you still have an unanswered question? Log eerst in om je vraag te plaatsen.