Maat-eigenschappen

    Het dialoogvenster openen en gebruiken

    In het dialoogvenster Maat-eigenschappen kun je verschillende eigenschappen van een individuele maat aanpassen, zoals zichtbaarheid, duur, nummering en breedte ("Uitrekking"). Om alle maten in de partituur te wijzigen, gebruik je Opmaak → Stijl venster : Partituur, Pagina, Maatnummers en Maten categorieën. Om alle maten van één notenbalk in de hele partituur te wijzigen, wijzig je de notenbalk Notenbalk/partij-eigenschappen.

    • Om Maat-eigenschappen te openen, klik je met de rechtermuisknop op een maat en selecteer je "Maat-eigenschappen".

      Maat-eigenschappen

    Als je slechts één maat wilt aanpassen, klik je op OK om de wijzigingen permanent te maken. Als je echter ook aangrenzende maten wilt aanpassen, dan hoef je het dialoogvenster niet te sluiten. Klik gewoon op Toepassen en gebruik vervolgens de pijlen linksonder in het venster om het dialoogvenster naar de nieuwe maat te verplaatsen. Het nieuwe maatnummer verschijnt zowel bovenaan het dialoogvenster als in de statusbalk.

    Notenbalken

    Zichtbaar : Vink de vakjes uit of vink ze aan om de geselecteerde maat te verbergen/weer te geven.
    Zonder stok: Vink het vakje aan/uit om stokken te verbergen/weer te geven.

    Maatduur

    Weergave: Dit is de maatsoort zoals deze is ingesteld in de partituur.
    Werkelijk: Pas deze getallen aan om de duur van een maat te verlengen of te verkorten.

    Anders

    Sluit uit van matentelling: Vink aan om de telling de geselecteerde maat te laten overslaan.
    Onderbreek meermaatsrust: Zie Maatrusten en meermaatsrusten.
    Maatnummermodus: Hiermee kun je het maatnummer voor de geselecteerde maat weergeven/verbergen, ongeacht stijl instellingen.
    Voeg toe aan maatnummer: Verandert de nummering vanaf deze maat in de partituur.
    Uitrekking van de opmaak: Deze eigenschap wordt normaal gesproken eerst aangepast met een sneltoets (zie Uitrekking), gebruik "Maat-eigenschappen" voor fijnafstelling.
    Aantal keren afspelen: Dit verschijnt alleen als de maat voor een eindherhaling maatstreep staat. Het geeft het aantal keren aan dat het herhaalde gedeelte wordt afgespeeld.

    Het aantal keren dat de maat met de eindherhalingsmaatstreep wordt gespeeld, moet één hoger worden ingesteld dan het aantal keren dat je de maat wilt laten spelen (dit is meestal gelijk aan het aantal vermeldingen in die volta-herhalingslijst + 1).

    Neem de volgende partituur:
    |: m1 | m2 | (volta 1,3,4) m3 | m4 :| (volta 2,5) m5 | m6 :| (volta6) m7 | m8 | m9 ||
    Bij maat 4 moet het aantal keren afspelen op 4 zijn ingesteld
    Bij maat 6 moet het aantal keren afspelen op 3 zijn ingesteld

    Zie ook

    • Vaste maatbreedte voor een oplossing om ervoor te zorgen dat maatstrepen verticaal tussen systemen worden uitgelijnd.

    Andere maat gerelateerde pagina's: